Twee schildknapen.

Een jonge koning besloot, twee extra schildknapen aan te werven, voor de beeldmooie koningin. Hij moest immers voor een zekere tijd op reis. Hij ging te rade bij een wijze tovenaar, die in één van de torens woonde. Alleen zij wisten het geheim. Hij moest zich toegang verschaffen, door op een ononvallende knop te duwen, in een rek waar veel boeken stonden. “Waar vind ik twee schildknapen, één in de dag en één in de nacht, om over de koningin te waken? Ze moeten dapper zijn en kunnen lezen en schrijven, dansen, zingen en schilderen… “Sire, U bezit deze eigenschappen in hoge mate, maar misschien zou ik kijken of ze eerlijk, betrouwbaar en toegewijd aan uw gade zijn. Ik ga eens rondneuzen in de stad op onzichtbare wijze, binnenkort breng ik u verslag uit” sprak de tovenaar vastberaden. Op korte tijd, kwamen een schrijver en een koorddanser in aanmerking. “In orde”, antwoordde de koning, “Maar ze moeten toch tafelmanieren bezitten,” voegde hij er aan te doen. De koning met zijn ridders vertrok. De lieve koningin voelde zich in haar schik met haar twee schildknapen. Gedurende de dag spande de koorddanser een koord tussen twee bomen en het koorddansen begon… Toen het avond geworden was, las de andere een mooi verhaal voor of schreef er zelf één. Toen zij sliep, waakte hij voor haar kamerdeur. In de schijn van een kaars keek hij naar de deur en ook regelmatig naar de slotpoort. Tot zijn verbazing zag hij, hoe de twee schildwachters zaten te eten en dronken tot ze dronken waren. De schrijver wekte de koorddanser en sloeg dat tafereel gade. Hij spande een koord hoog in de bomen en liep er over, heen en weer in de maneschijn, op die manier keek hij of er onraad schuilde. Het werd dag en de twee poortwachters deden of er niets aan de hand was en wachtten op aflossing. Ook de tovenaar had het schandelijk gedoe van de onbetrouwbare dienaren gezien. Hij zou handelen. In een wip had hij zich vermomd in een lakei, riep de koning en vertelde alles. Deze keerde onmiddellijk met zijn ridders terug. Dicht bij het paleis in een nabijgelegen woud, hielden ze stand. Het werd nacht. De braspartij begon terug, maar ze werden op heterdaad betrapt. “Ik ontsla jullie op staande voet en gebied u mijn land te verlaten” klonk het vertoornd. “Nu zaten de twee schildknapen ook zonder werk, maar geen nood. Ze vervingen graag de oneerlijke wachters en de koningin voelde zich nu echt beschermd. Later genoten de prinskinderen van het koorddansen van de poortwachter en de andere schildwachter schreef mooie sprookjes voor hen. Maar! Van ver, keek de tovenaar van uit zijn torenkamer en glimlachte vergenoegd. Op de nieuwe wachters kon men rekenen!…Zo werden twee schildknapen twee schildwachters.

Een reactie plaatsen

You must be ingelogd to post a comment.