Hoe viert men kerstdag in het vervloekte dorp?

Reeds had het kwaad zich verspreid in een klein dorpje en omstreken… De bewoners hadden geleerd, om te leven van dag tot dag. Ieder jaar op Kerstdag, ondergingen ze een ware kwelling. De stormwind kwam op en doofde alle vuren en lichten uit. Duisternis en koude waren hun deel, in tegenstelling met de vreugde, de vriendschap, die overal heersten in het land. De Koning, die goed en mild was, hoopte, dat daar er een einde aan zou komen en dat zijn landgenoten de overwinnaars zouden zijn. Een oude heks, de lelijkste van allemaal, deelde deze mening niet. Integendeel, ze bereidde zich voor, om de mensen opnieuw te plagen. Zij was het, die zo hard blies en men dacht, dat het de wind was. Iedere keer, dat ze alles uitgeblazen had en dit was afschuwelijk, lachte ze zo luid, dat ze een tand verloor. Ze had er geen weet van, maar wel een klein muisje, die alles wist, wat er in het huisje zich afspeelde. Elke keer raapte ze een tand mee naar haar holletje en de andere muisjes speelden er mee als knikkers.
Toen besloot het muisje al de tanden van de heks, aan de koning als geschenk te overhandigen. Daarbij schreef ze een boodschap waarom ze zo handelde. De koning, die nu op de hoogte was, zond honderd soldaten met een vlammende toorts in de hand en in de andere hand een lantaren. Twee kameniers vroeg hij een kamerscherm te dragen. Enkele uren later kwamen ze aan het huisje van de heks aan. Het kleine muisje wist, dat dit de stilte voor de storm was. Tijd om te reageren! Van uit haar holletje catapuleerde ze tand na tand in de mond van de heks… Ze slikte ze allemaal in. Toen gaf de koning een teken om het kamerscherm voor haar te plaatsen. Zeer verrast begon ze te blazen, te roepen, te tieren en op het einde weende ze zo erg, dat ze zich in haar tranen verslikte. Zijn dienaren begroeven haar. De stoet van de Koning, honderd soldaten en de twee lakijen gingen voor hun uit. Toen brandde er vuur en alle lichten bleven branden. Hun gouden schijn scheen in de ogen van de kinderen. De muisjes mochten zoveel kaas eten als ze wilden. Ze moesten er wel op letten, dat ze niet gulzig waren. Ze wilden niet verstikken als de lelijke heks.

Een reactie plaatsen

You must be ingelogd to post a comment.