De raad van de tovenaar

Ver van hier stonden tien huisjes aan de waterkant. Hier kende men iedereen. Zekere dag, gingen tien mannen vissen. Toen het avond geworden was, keerden er echter slechts negen vissers terug. Men zocht vergeefs. Het alleenstaande bekoorlijke vrouwtje bleef haar man zoeken. Dagelijks schreide ze aan een vervallen waterput. Doch de put vulde zich met haar tranen. Haar mooi haar kreeg een doffe kleur en haar wangen werden mager en haar ogen keken droevig. Een oude wijze tovenaar kreeg een idee. Hij kon haar verdriet niet meer aanzien. Hij vroeg aan het vrouwtje “Mag ik deze twee flesjes met je tranen vullen?” Ze knikte ja. Toen gooide de tovenaar een flesje over het hoofd van haar. Zie, haar haren leken van goud. Haar gezichtje zag er wel tien jaren jonger uit. “Ik weet waar je man is” sprak hij. “Wacht hier even.” Hij maakte zich onzichtbaar en ging naar het huisje van een gemene oude heks, die aan het slapen was… Ze had de visser betoverd, om al haar werk te doen. Hij gooide het tweede flesje over de man, die vroeger niet vluchten kon. Onmiddellijk vonden man en vrouw elkaar. “Wat ben je mooi en je lijkt nog zoveel jonger” zei hij vertederd.
De heks werd wakker en de tovenaar, die machtiger was dan zij, sprak op strenge toon “Voor al die tranen zal je boeten.” Opeens dreef het huisje op het water van de vergoten tranen. Het vervolgde zijn weg tot aan de waterkant. De heks was weg, voorgoed. De mensen uit de tien huisjes vierden feest. Ze aten vis en dronken wijn. Plots hoorde men de stem van de tovenaar “Liefde overwint alles!” en allen waren daarmee eens.

Een reactie plaatsen

You must be ingelogd to post a comment.