De betoverde schaar.

Een groepje kinderen besloten samen spelletjes te spelen in het bos. Ze kozen voor verstoppertje en het nabootsen van gebaren bij allerlei vakmensen. Geen enkel kind koos het beroep van haarkapper of haarknipperster. Op dat ogenblik, kwam een tovenaar met een lange baard van achter de bomen. Ze waren onder de indruk van zijn verschijning. “Moet u zelf uw baard bijknippen?” vroeg een kind. “Jawel” antwoordde de tovenaar, “gelukkig heb ik een goede schaar, mag ik meespelen?” zei hij. “Natuurlijk” klonk hun antwoord. “Geef nu allemaal een hand aan elkaar, oogjes dicht en ik maak jullie en mezelf onzichtbaar. Nu mogen jullie kijken”. De tovenaar droeg een wijde nachtblauw mantel en een mooie punthoed met sterren. De kinderen droegen een zeer dure kledij. “Nu zijn jullie terug zichtbaar” verzekerde hij hun. “Kom maar mee”. Ze zagen de koning en de koningin en kleine prinsjes en prinsesjes in een zeer grote speelkamer met alle spelletjes. “Ga maar binnen in het paleis” beval hij. “Maar wij dragen geen kroontjes” klonk het. “Ik geef jullie een groot stuk goudglanzeng papier en jullie mogen mijn schaar gebruiken.”. Hij haalde een prachtige gouden schaar van onder zijn kledij. “Dit doet geen pijn troosten ze elkaar het is slechts papier”. Ze hadden elk een kroontje geknipt. “Deze kroontjes moeten op goed verzorgde wijze op jullie hoofdjes geplaats worden” sprak hij. “Nu zal ik mijn baard wat bijknippen” lachte hij. Hij had zijn schaar betoverd en geen enkel kind had angst. Toen speelden alle kinderen uit het paleis met elkaar. Ze waren heel blij. “Terug onzichtbaar” zei hij “Sluit je ogen en daar stonden ze terug in het bos. Het oudste kind kreeg de gouden schaar als eerste en de anderen volgen hun wat later.”Ik word later haarknipper” zei de jongen en sindsdien hadden de kinderen geen angst meer. Toen hij een jonge man geworden was opende hij een kapperssalon en noemde zijn zaak “In de gouden schaar”.

Een reactie plaatsen

You must be ingelogd to post a comment.