Het betoverde woud… en de tovenaar.

Een wijze tovenaar, net terug van een verre reis, wou wat wandelen in een wat afgelegen bos. Hij naderde … en stond aan de grond genageld… dit was een grijs woud!… Alle bomen, bloemen, struiken, paddestoelenvogels en alle andere dieren hadden dezelfde kleur. Dit was het werk van een boze heks uit de omgeving dacht de magiër die veel van kleuren hield. Het leek of het bos sliep, erger nog, het woud leefde niet meer, zelfs de zangvogels zwegen… Toen riep de tovenaar luid: “Dit woud moet kleurrijk zijn… ik zal uw schilder zijn… en kleur alles mooi en fijn!… De bomen wuifden met hun takken, de bloemen openden hun kelken, de vogels en de andere dieren verzamelden zich rond de magiër… om hun toestemming te geven. Nu kon de tovenaar aan het werk .De blaadjes van de bomen werden terug groen. De bloemen kregen de prachtigste kleuren. De vogels pronkten trots met hun pluimen en de dieren met hun vacht. De tovenaar was tevreden over zijn werk tot… een vogel opdook die hij vergeten was te kleuren!… “Wat nu gedaan?” jammerde hij. De verf was op… de potten waren leeg… maar opeens zag hij, dat er nog wat verf kleefde aan de verfborstels… hij schilderde alle pluimen van de vogel in een andere tint… het werd de mooiste vogel van allemaal. Het was de paradijsvogel! Dank u dat ik uw schilder mocht zijn” sprak de tovenaar blij en zag hoe mooi het woud gekust werd door de zon…

Een reactie plaatsen

You must be ingelogd to post a comment.