Een jonge heks en de parel…

Een jonge heks was nukkig. Ze had de elegantste kleren en de mooiste sieraden, maar alles wat ze bezat was gestolen of betoverd. Ze bekeek zich eens in haar spiegel, een knap gezicht met fonkelde groene ogen, met daarop de eeuwige punthoed. Ze voelde zich echt ongelukkig. Ze wou gaan dansen met de mensenkinderen, maar iedereen schuwde haar. Opeens kreeg ze een idee: een GEMASKERD BAL! Ze drapeerde een doorzichtig groen sjaaltje rondom haar punthoed en haar hals en koos een purperen satijn kleed. Juwelen hoefde ze niet. De bezem behoorde tot de verkleedpartij. Ze zou echter vliegen naar een stad waar niemand haar kende. In de nacht vertrok ze. Vol vreugde zong ze van op haar bezem: “Laat ons springen… laat ons dansen en zingen…” Daarop vloog ze boven de hoogste toren van het kasteel en zag dat er een verkleedbal gehouden werd. Vol verwachting trad ze de balzaal binnen… Bewonderend keken ze naar haar en opnieuw zong ze: “Laat ons springen … laat ons dansen en zingen”… Haar bezem hield ze bij de hand dat hoorde zo. Haar vreugde werkte aanstekelijk. Door het raam zag ze echter dat de nacht verzwond en dat het vlug dag werd. Daarom deed ze alsof ze een glas wijn vroeg aan een lakei. Een aardige jongen volgde haar echter en wou graag kennis maken met haar. De bekoorlijke jonge vrouw kroop echter op haar bezem en toen… begreep hij het. Van verdriet rolde er een traan op zijn wang… die ze betoverde in een prachtige parel! Deze schitterde zo fel… dat er lichtjes verschenen in haar doorzichtig groen sjaaltje… EINDELIJK BEZAT ZE EEN JUWEEL DAT MET HET HART GESCHONKEN WAS… en wie weet ZAG… MEN… HAAR… SJAALTJE… WAPPEREN… ALS… EEN… GROENE… NEVEL…

Een reactie plaatsen

You must be ingelogd to post a comment.