De tovenaar en de twee honden…

Een tovenaar die veel van het cirkus hield, bewonderde enorm de kunst van de cirkusartiesten. “Voor mij is dat maar een klein kunstje om de mensen te laten verdwijnen, groter, kleiner, lichter of zwaarder te maken, maar bij deze mensen is dit grote kunst” zei de tovenaar. Kort daarop werd er een circusvoorstelling aangekondigd. De tovenaar was er ook. Het laatste nummertje vond hij bijzonder grappig. Het waren twee honden die evenwichtig op een plank liepen, ze kropen op ladders, ze gooiden met hun staart al de kegels om,ze dronken een glaasje wijn en aten taartjes. Ze veegden zelfs hun neus en snuit af met een serviet. “Bravo” riep de tovenaar. Hij had zich echter onzichtbaar gemaakt en niemand wist van waar die stem kwam. Een jongen zei echter ook “Bravo” “Bravo”!! Een applaus voor elke hond dus. De mensen hadden van de voorstellling genoten, maar de jongen zag dat de twee honden opeens weg waren. De tovenaar had ze betoverd dat ze alle twee zo klein waren als zijn duim. Hij stak ze dus in zijn broekzak. De jongen ging met zijn familie naar huis en opeens stonden daar de twee honden uit het cirkus voor hun deur. “We moeten ze zo vlug mogelijk terug brengen” zei de vader, maar hij zag dat de tent en de woonwagens reeds weg waren. Zo bleven de twee honden in huis en deden al hun kunstjes elke dag voor het ganse gezin. Iedereen moest er telkens hartelijk mee lachen. De jongen die tweemaal “Bravo” geroepen had mocht de viervoeters verzorgen. Zekere dag waren ze zeer ziek en moesten begraven worden. In de tuin werden ze begraven. “Bravo” klonk het in de oren van de jongen, deze stem moest dus van een tovenaar zijn. “Ik wil terug met mijn honden spelen” klonk het verdrietig. “Wat geduld” zei de vertrouwde stem van de tovenaar. “Ik ben een heel eind hier vandaar, plant maar mooie bloemen op hun graf”. De jongen mocht bloemen op de grafjes zetten, maar deze bloemen werden steeds maar groter en groter… de waren al zo hoog als populieren! “Klim maar op de bloemen,ze zijn sterk genoeg” weerklonk de stem van de tovenaar. De jongen klom zo hoog als hij kon “Ga weer naar beneden en kijk” zei de tovenaar. De jongen zag hoe plotseling de bloemen veranderen in grote trappen en gemakkelijk kwam hij naar beneden. Naast de grafjes bevonden zich dezelfde trappen en moedig daalde hij onder de aarde. Daar bevond zich een cirkustent en de twee honden deden al hun kunstjes. Ze zagen de jongen en kwispelend gingen ze naar hem toe. “Zijn jullie niet meer ziek”? vroeg de jongen als je wakker wordt zal je weten dat we elkaar in onze dromen terug kunnen zien” zegden ze. De jongen wreef zich de ogen uit. Hij was zo moe geworden van al dat klimmen dat hij hoog tussen de bloemen in slaap gevallen was. Hij keek en zag van ver de grafjes in de tuin, hij wist nu dat zijn twee honden in zijn dromen weer levend geworden waren. Hij liet zich van de stengels van de bloemen glijden en WAS GELUKKIG WANT IN EEN DROOM LIJKT ALLES PLOTS ECHT. NET ALS IN DE SPROOKJES!!…

Een reactie plaatsen

You must be ingelogd to post a comment.