De verhuis van de heks.
Een oude heks wou verhuizen naar een blokhut in het woud. Zij huurde een steekkar en twee verhuizers. Het werd een moeilijke en afmattende tocht. Het bos lag bovenaan op de top van de berg. Dit was in elk geval voor de mannen, die de kar naar omhoog moesten duwen. De heks echter balanceerde genoegzaam op haar bezem. Uiteindelijk kwamen zij aan. Vlug brachten de verhuizers de meubeltjes naar binnen. "Mogen wij een glas water hebben?" vroegen de uitgeputte mannen, dat was dan ook de reden, dat zij haar drankservies lieten vallen! ""Nu heb ik geen glazen meer" riep de heks woedend. "Voor straf, verander ik jullie in twee drinkglazen, een lichtgeel en een donkerroze. Daarenboven zijn zij onbreekbaar"... "Tenzij"... de rest mompelde ze binnenmonds. De tijd ging voorbij. De heks schonk zich een kamillethee in het lichtgele en een donkerroze wijn in het andere glas in. Op zekere dag, vond de boswachter het levenloze van de heks dicht bij de hut en begroef haar. De twee glazen deden alles om te breken. Zij gooiden zich op de harde stenen vloer, bonkten op de ijzeren hamer, maar tevergeefs. Zij konden echter nog spreken. "Wat bedoelde de heks, toen zij sprak met een "Tenzij"... "Dat vraag ik mij ook af" antwoordde een landloper, die in de blokhut binnenkwam. "Blijf maar hier wonen, de heks is toch dood" verzekerden zij hem. De dakloze dronk een roze wijn uit in het donkerroze glas en viel in slaap. De volgende dag dronk hij water in het andere. "Mag ik jullie steekkar eens lenen" vroegen hij aan de glazen?" "Heel zeker" klonk het hartelijk. De man vervoerde nu dagelijks hout naar het dorp. Hij verdiende goed en kocht zich mooie kleren, schoenen, laarzen en een zeer mooie rugzak. Eten deed hij in de herberg en deed zijn verhaal aan de herbergier. "Er zijn hier dichtbij rotsen" verklaarde hij. "Wat jammer dat mijn glazen dikwijls breken" zuchtte hij "Ik wil die twee glazen hebben en betaal u in goudstukken" voegde hij eraan toe. "Ik zal erover nadenken" beloofde de nieuwe eigenaar van de blokhut. Thuis gekomen, beloofde hij echter, de glazen op de rotsen te gooien. "Wij hopen dat wij breken" klonk het hoopvol. Maar! Zij braken niet. Met wat hout maakte de man een vuurtje, want het was reeds nacht. De vuurgeest kwam echter van achter de rotsen en wakkerde het vuur aan. Hij had immers alles gehoord. "Ik ben machtiger dan de heks" riep hij luid en de vlammen kronkelden zich rond de glazen... de man zag, hoe de glazen door de hitte van het vuur braken... en plots stonden de twee verhuizers stralend bij het vuur!! "Hoe kunnen wij u danken" juichten zij. In de warme gloed, besloten zij de stootkar terug naar de winkel te brengen. De winkelier kon een derde verhuizer goed gebruiken en kwam overeen, de gewezen landloper als een derde verhuizer aan te werven. Hij nam een fles champagne, brak deze op de steekkar, nam vier glazen, een tweede werd uitgedronken uit prachtige langwerpige champagneglazen... maar gooiden ze in het haardvuur... om zeker te zijn, dat ze niet betoverd waren!...
Gepubliceerd op 01-10-2007, geschreven door Christiane Desitter
Contacteer mij via info@sprookjesvanchris.be
Deze tekst staat ook op de website http://www.sprookjesvanchris.be